Historie: 1946 - 1950

Eigenlijk heeft Pierre Verboeket weinig tijd op die zaterdagmiddag in november 1989. De zangvereniging Maas- en Neergalm, waar hij lid van is, heeft onlangs op een concours in Werkendam een bijzonder succes geboekt en morgen houdt 'de zangk' receptie in sportzaal De Kwiebus. Pierre moet mede zogen voor de bloemenpracht. Toch maakt hij tijd vrij. Het verhaal over het eerste lustrum van RKSVN na de Tweede Wereldoorlog begint over roken en eindigt in een sigarenfabriekje. Martin Timmermans (61) steekt in het gezelschap van Wiel van Heugten (65), Wim Keiren (61) en Pierre Verboeket (60) een indrukwekkende sigaar op. Een paar keer per week gunt hij zich dat genot, overigens zonder te inhaleren. De anderen blijken er maar liever helemaal vanaf te zien. Inderhaast laten ze nog even weten dat vroeger, als er moest worden gevoetbald, een rokertje helemaal taboe was.Toch moet de verleiding vaak groot zijn geweest. Theike Thommassen, een bekende naam in het eerste decennium van RKSVN, werkte in die tijd in het sigarenfabriekje van Step Houben in de Steeg. Bij hem dromden voetballende jongelui samen om over de laatste resultaten te bomen en vooruit te blikken naar de nieuwe voetbalzondag. Of dan niet eens een enkel sigaartje werd gepaft? Gratis natuurlijk, want het zakgeld was knap bemeten en klussen moest nog uitgevonden worden. Zakgeld heette in die tijd overigens zondagsgeld.

Zo weet Wiel van Heugten zich te herinneren dat hij in zijn hele actieve voetbalcarrière, die toch van 1941 tot 1953 duurde, maar twee paar voetbalschoenen heeft versleten. Op zijn eerste stel maakte hij zijn debuut in het derde elftal naast niemand minder dan Pietje Strous, op de opstellingen steeds vermeld als P.J. Strous. De mededeling van Wiel, dat hij zijn eerste wedstrijd in het derde van de voetbalclub speelde, is opmerkelijk. Daaruit mag dus worden geconcludeerd dat RKSVN al spoedig na de oprichting niet alleen een tweede, maar ook al een derde team had. Dat was niet ieder jaar zo. In maart 1950 meldt Oos Noets, de voorloper van Ons Eigen Nieuws, dat naar de Neerse jongens in Indië werd gestuurd, „dat het ledental van RKSVN weer zodanig groeit dat drie elftallen in de volgende competitie tot de mogelijkheden behoren". In datzelfde Oos Noets, staat ook dat het tweede elftal in 1949 kampioen wordt, in het volgende seizoen 1949/ 1950 wederom de titel behaalt en promoveert. De jeugd doet het in dat seizoen ook goed en grijpt, voor zover valt na te gaan, de eerste jeugdtitel voor RKSVN. In september 1950 begint RKSVN met het eerste in de eerste klasse, waarin het al sinds het seizoen 1946/ 1947 speelt, het tweede in de tweede klasse en het derde in de derde klasse aan een nieuwe competitie.

Terug naar Wiel van Heugten, de rechtsback van weleer, die na één partij in RKSVN 3 doorschoof naar het tweede. Vandaaruit maakte hij vlug de stap naar het eerste team. In de achterhoede fungeerde Wiel seizoenen lang als breekijzer. Martin Timmermans is ook zijn aanvallende kwaliteiten nog niet vergeten. „Als de nood hoog werd, schoof Wiel graag mee naar voren om in het vijandelijke strafschopgebied een penalty te versieren".Met Pierre Verboeket, de enige van het viertal die later nog als veteraan heeft gevoetbald, gaan we nog eens op zoek naar de wortels van het jeugdvoetbal in Neer. Zijn voetballoopbaan moet direct na de oorlog bij de jeugd begonnen zijn. Of het juniorenvoetbal in die jaren, rond het seizoen 1946/1947, altijd officieel via de bond verliep, is niet helemaal duidelijk. Zoals gemeld, had RKSVN in 1944/'45 wel een officiële jeugd. In het archief van de KNVB wordt op 16 juni 1946 zelfs melding gemaakt van de jeugdwedstrijd RKVVN A tegen RKVVN B, de uitslag was 4-0. Zeker is ook dat Pierre „in een wei op Gendijk" de eerste voetbaltrucs heeft geleerd. Pierre, geroemd om zijn snelheid, was jarenlang een vaste kracht in RKSVN 1. Van 1967 tot 1983 zagen we hem weer tussen de witte kalklijnen terug als veteraan.

Nadat Martin Timmermans zijn carrière voor RKSVN in 1956 had beëindigd met een wedstrijd tegen Helden, hebben we hem nooit meer teruggezien in de Neerse voetbalwei. Erger nog: Neer verloor zijn voetbaltopper sowieso uit het oog. Martin werkte op de Staatsmijn Emma en ging in „'t zuiden" wonen. Martin verliet Neer wel, maar vergat niet wat er zich in de 14 jaar dat hij lid was van de voetbalclub allemaal afspeelde. Uit zijn geheugen diept hij bij de vleet herinneringen op die samen een aardig document in het archief van RKSVN zouden kunnen vormen. Hij weet het naadje van de kous over de lopende voetbalseizoenen, die voor het eerste tot 1954 geen degradaties of kampioenschappen opleverden. Hij vertelt ook nauwkeurig over de kringwedstrijden, die hij zelf gekscherend de wereldkampioenschappen voor MiddenLimburg noemt. (Bij de KNVB heet dat tegenwoordig bekercompetitie). Martin verhaalt ook smakelijk over de seriewedstrijden die vandaag de dag toernooien heten. Vooral die ene keer, toen op het kermistoernooi in 1948 in Beesel een forse keramische vaas werd gewonnen, is een herinnering die blijft. Martin Timmermans benutte zelf twee maal drie plus twee penalty's de negende was niet meer nodig in de finale tegen Helden. Helden-speler Keiren miste één keer. Dat laatste zal zijn Neerse neef Wim, die op dat toernooi ook van de partij was, grote deugd hebben gedaan.Wim Keiren, die in 1951 met voetballen stopte, maar later als bestuurslid en penningmeester bij RKSVN terugkeerde, was met Martin Tim­mermans een van de Neerse voetbalkanjers uit die na-oorlogsejaren. Samen stonden zij in het elftal van het Bisschoppelijk College te Roermond. Toen dat team het elftal van RFC Roermond, dat toen in de eerste klasse van de KNVB speelde, niet verder liet komen dan een 1-1 gelijkspel, bestempelde de collegekrant in de persoon van Bill Julian, oud trainer van RFC, het Neerse duo als twee eersteklas voetballers. Nou was dat toch al niet helemaal onbekend in de regio, want Martin Timmermans schopte het zelfs tot reserve in het Limburgs team.

Tussen Wim Keiren en Martin Timmermans bestond ook wel eens rivaliteit, herinnert Wim zich. Voorzitter en elftalleider L. Goltstein wees Martin op een goede dag als aanvoerder aan omdat hij de jongste van het team zou zijn. Wim was echter de echte Benjamin, had dat ook graag gemeld, maar mocht dat niet van zijn ouders. Misschien had dat iets te maken met het feit dat de familie Keiren het clublokaal, het huidige hotel De Lindeboom, dreef. In de wintermaanden hielden de Neerse voetballers eenmaal per week de stramme ledematen soepel in de zaal bij het hotel. Daarvoor meldde zich dan ex-RFC-er Frans Pijpers. Laat mocht hij het nooit maken, hij moest op Hanssum nog per veer de Maas over richting Swalmen. De oefenmeesters uit die tijd bemoeiden zich overigens niet met opstelling en tactiek. Pijpers' opdracht luidde om de jongens fit te houden en hun enige balbehandeling bij te brengen. Frans hield vooral van „de bal leeg haje". Als hij terug fietste, richting Swalmen, had hij meer dan eens een tas met gezonde Neerse etenswaren aan zijn fietsstuur hangen. Niet zelden kreeg hij een „proof" van Jan Schreurs, in de volksmond „Kepelke" of Sjeng van Bernaadje genoemd.

Het enthousiasme waarmee de mannen, die de eerste tien jaar van RKSVN hebben meegemaakt over Jan vertellen, is aanstekelijk. Iedereen schetst van hem hetzelfde beeld: een hondstrouw clublid, een vaderfiguur voor de jongeren, iemand met zijn eigen aparte, humor en een man die dag en nacht voor de voetbalclub paraat stond. 's Zondagsmorgens eerst in zijn eentje zaagmeel in de doorweekte doelen strooien, en lijnen opmaken, en dan 's middags zelf aan de bak. Sjeng, inmiddels 72 jaar, is helaas zo bescheiden dat een plaatsje in de jubileumkroniek voor hem niet zo nodig hoefde. Jammer Jan, want U had ongetwijfeld kunnen vertellen over die naamsverandering in 1948, die van RKVVN/ RKSVN maakte. Het schijnt dat niet iedereen binnen de voetbalvereniging het daar zo roerend mee eens was. De een wilde dat de voetbalclub zelfstandig verder moest. Anderen stelden, dat opkomende andere sporten ook bij de vereniging betrokken moesten worden. Hoe het ook zij: het Bondsblad van de KNVB meldt op 3 juli 1948 de wijziging. Later zou blijken dat met name de tafeltennissers en vooral de handbalsters het nog een heel eind zouden schoppen ondanks de strubbelingen over de naam.

Waar is niet eens iets aan de hand moeten ook de eerste clubbestuurders wel eens hebben verzucht. Wellicht ook toen in 1948 het nieuwe (tweede) voetbalterrein op De Kappert met een wedstrijd van het kringelftal tegen Maaseik werd geopend. In datzelfde weekeinde organiseerde Valkenburg op de Cauberg het wereldkampioenschap wielrennen. Het zinde niet iedereen dat sommige voetballers feestend Neer op die dag in de steek lieten om te zien hoe, naar later bleek, de Belg Brik Schotte de titel in de wacht sleepte. Of peddelden de jongens naar het zuiden omdat hen geen plaats werd gegund in het kringelftal? Probleempjes sleten ook toen al snel en als het moest konden voorzitter Louis Goltstein, Theike Thommassen, Teun Janssen en Frits Berben, die de opstellingen maakten, best over hun hart strijken. Bij secretaris/ penningmeester Jan de Gier meldden de dienstplichtige voetballers zich graag. Hij keerde de soldaten keurig de reiskosten uit die zij in het weekeinde moesten maken om in Neer te komen voetballen. Vadertje Staat was immers maar eenmaal per maand zo gul en het legertje voetballers was toch al een beetje uitgedund omdat sommigen van hen in Indië de eer van het vaderland moesten hooghouden.

Op een heel andere manier streelden elf oranje-mannen op woensdagavond 15 november 1989 de vaderlandse voetbaleer door in De Kuip in Rotterdam Finland met 3-0 te verslaan en zich zo te plaatsen voor het W K 1990 in Italië. Gelukkig was er geen idioot, die een bom of staaf gooide. Dat West-Duitsland zich ternauwernood plaatste door met 2-1 van Wales te winnen, viel menigeen wellicht een beetje tegen. Er is de laatste dagen ook veel goed nieuws van die kant van de grens: stukje bij beetje, maar oh zo zeker, wordt de verfoeide Muur in Berlijn gesloopt.